Rechter oordeelt dat tijdens een diner geen koopovereenkomst is gesloten.

 

Gedaagde is eigenaresse van een pand gelegen gelegen binnen de grachtengordel en maakt deel uit van het populaire winkel- en horecagebied de Negen Straatjes.

 

Eiser heeft met zeven personen in restaurant Le Garage te Amsterdam gedineerd. Tijdens het diner heeft op een bepaald moment gedaagde zich bij het gezelschap gevoegd op uitnodiging van een kennis van haar.

 

Tussen eiser en gedaagde heeft er vervolgens een gesprek plaatsgevonden waarin de verkoop van het pand aan de orde kwam. Zij hebben gesproken over de koopprijs van het pand.

 

Na dit diner heeft eiser door een notaris een koopovereenkomst met betrekking tot het pand laten opstellen, maar vervolgens heeft gedaagde geweigerd deze koopovereenkomst te ondertekenen.

 

Eiser liet het hier niet bij zitten en besluit gedaagde in kort geding te dagvaarden.

 

Eiser vordert gedaagde te veroordelen het pand te ontruimen en in een behoorlijke staat ter vrije beschikking aan hem in eigendom over te dragen door medewerking te verlenen aan het ondertekenen van de koop- en leveringsakte, een en ander tegen een koopprijs van € 1.400.000,00.

 

Beoordeling door de voorzieningenrechter


Tussen partijen bestaat verschil van mening over de vraag of tussen hen een koopovereenkomst tot stand is gekomen. Volgens eiser is dat het geval omdat na onderhandelingen tijdens een diner in restaurant La Garage te Amsterdam overeenstemming is bereikt over het pand, de koopprijs, leveringsdatum en andere voorwaarden.

 

Gedaagde betwist dat er een koopovereenkomst tot stand is gekomen. Volgens haar is er alleen over de verkoop van haar pand gesproken en is in de niet serieuze setting waarin dat plaatsvond geen koopovereenkomst gesloten.

 

Voorop staat dat een koopovereenkomst tot stand is gekomen op het moment dat er sprake is van aanvaarding van een aanbod. Daarbij moet over de essentialia van de overeenkomst tussen partijen overeenstemming zijn bereikt. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dit in deze zaak in onvoldoende mate komen vast te staan.

 

Weliswaar hebben ook getuigen over de bewuste avond verklaard dat er op een bepaald moment tussen eiser en gedaagde een prijs voor het pand en een leveringsdatum is overeengekomen en dat er handen zijn geschud en glazen zijn geheven, maar er zijn daarnaast ook voldoende aanwijzingen dat van een koopovereenkomst (nog) geen sprake was.

 

De aanwezigen hebben namelijk twee verschillende koopprijzen van € 1.400.000,00 en € 1.450.000,00 genoemd en 1 juli 2012 als leveringsdatum aangeduid.

 

Dit terwijl gedaagde nadrukkelijk betwist dat zij heeft ingestemd met een leveringsdatum.

 

Verder heeft een andere getuige verklaard dat hij zich niet kan herinneren dat eiser en gedaagde duidelijke voorwaarden (met betrekking tot de koop, vzr) hebben besproken. Volgens deze getuige was gedaagde nogal jolig en heeft hij haar erop gewezen dat zij haar mond moest houden. Volgens deze getuige heeft eiser op een bepaald moment zijn hand uitgestoken en een bedrag van € 1.450.000,00 genoemd. Volgens deze getuige heeft gedaagde eiser vervolgens een hand gegeven en gezegd we hebben een deal mits ik mijn bedrijf verkoop dus zeg ik nu niets.

 

De voorzieningenrechter acht het gezien de twee verschillende koopprijzen die zijn genoemd, de onduidelijkheid die bestond en is geuit over hoe zou worden omgegaan met de winkel van gedaagde die zich in het pand bevindt en de informele setting waarbinnen de onderhandelingen hebben plaatsgevonden, laat op de avond in een restaurant, niet aannemelijk dat partijen overeenstemming hebben bereikt over de essentialia van een koopovereenkomst.

 

Daarbij komt dat uit de e-mailwisseling tussen gedaagde en eiser volgt dat ondanks dat eiser de dag na het diner meteen stappen heeft ondernomen, hij heeft een schriftelijke koopovereenkomst laten opmaken en gedaagde er in diverse e-mails op gewezen dat volgens hem tussen hen een deal was gesloten, gedaagde op haar beurt in haar e-mails, duidelijk te kennen heeft gegeven dat er volgens haar geen koopovereenkomst was gesloten. Zij heeft er daarbij opnieuw op gewezen dat voordat het pand kon worden verkocht eerst moest worden bezien wat er met haar winkel moest gebeuren. Dit komt overeen met hetgeen volgens de diverse getuigen ook tijdens het diner al aan de orde kwam.

 

Uit de e-mails volgt ook dat gedaagde aanvankelijk nog wel met eiser verder wilde praten, zij zijn ook nog samen gaan lunchen, maar op een bepaald moment - nadat was gebleken dat eiser vasthield aan hetgeen volgens hem was overeengekomen - van hem af wilde.

 

Tot slot is voor de conclusie dat het niet voldoende aannemelijk is dat een koopovereenkomst tot stand is gekomen ook nog van belang dat gedaagde geen idee had wie nu de potentiële koper zou zijn. Zij was in gesprek met eiser, die zij vóór het diner nooit eerder had ontmoet, maar niet gebleken is dat zij wist dat hij voor een renovatiebedrijf optrad.

 

De voorzieningenrechter gaat er verder vanuit dat gedaagde, ondanks dat zij niet in het pand woonachtig is en aldaar een winkel exploiteert, niet bedrijfsmatig handelde. Zij is geen vastgoedhandelaar en niet is gebleken dat zij een specifieke kennis en belangstelling op dat gebied heeft. Eiser had daar als professional rekening mee moeten houden.

 

Al met al is op grond van het voorgaande vooralsnog niet voldoende aannemelijk geworden dat de bodemrechter tot het oordeel zal komen dat tussen partijen een koopovereenkomst tot stand is gekomen.

 

Op grond hiervan weigert de voorzieningenrechter de gevraagde voorzieningen.

 

De hierboven weergegeven casus is een samenvatting, de volledige uitspraak is te vinden via de onderstaande link met rechtspraak.nl:  

 

 

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBAMS:2013:5534

 

 

Home

 

Wilt u meer weten over het bovenstaande onderwerp, of heeft u andere vragen aan Schölvinck-Incasso? Dan kunt u mij bereiken via 020 – 622 4632, of gebruik het formulier hieronder om contact met mij op te nemen. U krijgt binnen 24 uur een reactie op uw e-mail

Opmerking: De met * gemarkeerde velden zijn verplicht.